17 juli 2005
Resultaat werkgroep glazenwassen
Een jaar geleden is de werkgroep Glazenwassen nieuw leven ingeblazen. Dit naar aanleiding van signalen uit diverse bewonerscommissies dat het glazenwassen in sommige complexen met (middel)hoogbouw niet of niet goed gedaan kon worden. Ook speelde de aangescherpte ARBO-regelgeving een rol, waarbij steeds weer nieuwe eisen worden gesteld aan de te gebruiken apparatuur.
Samenstelling werkgroep
In de werkgroep hadden zitting: Ali van Geelkerken (inmiddels verhuisd en geen lid meer van de STOK), Patricia Tureay en Alfred Kleijn van het STOK-bestuur, de heer De Jager van BC Kruisstraat, mevrouw Oostinjen en mevrouw Cnossen van BC Struykenlaan, de heer Van Norden, mevrouw De Nijs en de heer Van de Marel van BC Dommering-/Brandenburchdreef en de heer Braan van de Bo-Ex.
Definitief beleid
Gezien de complexiteit van het onderwerp is de werkgroep diverse malen bijeen geweest. Een groot probleem betrof de kosten van de noodzakelijke installaties, zoals een hoogwerker. Op basis van informatie van de Huurcommissie heeft de STOK de Bo-Ex ervan kunnen over-tuigen dat de verhuurder deze kosten voor haar rekening moet nemen. Verder moest er een eenvoudige manier gevonden worden hoe de overige kosten bij de huurders in rekening worden gebracht. De werkgroep was daarom zeer verheugd in mei een voorstel te kunnen presenteren.
Dit voorstel is op 30 mei in het bestuurlijk overleg tussen Bo-Ex en STOK besproken en op één punt nog verbeterd. Dit betrof het verhogen van de frequentie van de glasbewassing. Samen met de Bo-Ex zijn we tot het volgende beleid gekomen:
- Glasbewassing wordt door Bo-Ex twee keer per jaar als ‘product’ aangeboden aan alle bewoners van de gestapelde bouw met ramen op moeilijk bereikbare plaatsen. Bo-Ex gaat uit van het begrip bereikbaarheid zoals dat omschreven is door de huurcommissie.
- Het glazenwassen zal worden uitgevoerd als tenminste 70% van de bewoners van het betreffende complex hiermee instemt, en wordt dan onderdeel van de servicekosten voor alle huurders van het complex.
- De kosten zullen als volgt worden verrekend:
- de Bo-Ex betaalt de glazenwasinstallatie of de hoogwerker;
- de huurder betaalt het arbeidsloon van de glazenwasser;
- er komt één tarief dat voor alle huurders van het betreffende complex geldt, er wordt geen rekening gehouden met verschillen in het aantal ramen van de woningen.
Hoe nu verder?
De Bo-Ex gaat nu per complex - in overleg met de betreffende bewonerscommissie - een berekening maken van de kosten per huurder. Als eerste komen de complexen aan de beurt die ook in de werkgroep vertegenwoordigd waren. De betreffende bewoners krijgen dan een voor-stel van de Bo-Ex. Door middel van een enquête zal gemeten worden of tenminste 70% van de bewoners hiermee instemt. Indien dit het geval is, wordt het glazenwassen in het betreffende complex ingevoerd.
Het streven van de STOK is dat voor het eind van het jaar alle betreffende complexen een voorstel van de Bo-Ex hebben ontvangen. De werkgroep blijft wel bestaan en komt in ieder geval eind van het jaar bijeen om de voortgang te bespreken.